StudyByYou › Blog

Studiekeuze voor het hoger onderwijs

Eenzaam als student: als iedereen al een groep lijkt te hebben, behalve jij

De eerste weken op kot of aan de hogeschool zouden de beste van je leven moeten zijn. Voelt het eerder stil? Dan ben je niet de enige, en het zegt niets over wat je waard bent.

7 oktober 2026 · 8 min lezen

Een student zit alleen op de vensterbank van een studentenkamer met een kop thee en kijkt naar buiten in het avondlicht: eenzaam als student in het eerste jaar

Misschien herken je dit. Het is donderdagavond, op de gang van je kot klinkt muziek en gelach, en de groepschat van je jaar ontploft met foto’s van een cantus. Jij zit op je kamer met je laptop open. Of je pendelt, en brengt je vrije uren tussen twee lessen door in de bibliotheek, terwijl rondom je al vaste groepjes lijken te bestaan. Iedereen lijkt na drie weken al vrienden te hebben. Behalve jij.

Wie zich eenzaam als student voelt, schaamt zich daar vaak voor. Je hoort het tenslotte overal: de studententijd is de mooiste tijd van je leven. In dit artikel lees je waarom eenzaamheid in het eerste jaar zo vaak voorkomt, welke soort contact jij eigenlijk nodig hebt, hoe je het verschil ziet tussen eenzaamheid en een opleiding die niet past, en wat je concreet kan doen. Zonder dat je jezelf daarvoor moet ombouwen tot iemand die je niet bent.

Eenzaam als student: het korte antwoord

Je eenzaam voelen als student, zeker in de eerste maanden, komt veel voor en betekent niet dat er iets mis is met jou of met je studiekeuze. Het helpt om te ontdekken welk soort contact jij mist, en om dat stap voor stap op te bouwen op een manier die bij je past.

Je bent minder alleen dan het voelt

Eenzaamheid is geen randverschijnsel. Uit de Gezondheidsenquête 2023-2024 van Sciensano blijkt dat 1 op 2 personen in België matige tot ernstige eenzaamheid ervaart. Opvallend: bij jongeren van 15 tot 24 jaar komt te weinig contact (minder dan wekelijks) minder vaak voor dan bij andere leeftijdsgroepen, en toch ervaren ze meer eenzaamheid. Veel leeftijdsgenoten zien dus wel geregeld mensen, en voelen zich toch niet echt verbonden.

Ook bij studenten zelf is het een bekend thema. CM haalt cijfers aan van Teleblok, een chatlijn voor studenten: bijna de helft van de studenten voelt zich soms alleen, een kwart vaak. En vaak gaat het niet over een gebrek aan mensen, maar over het missen van een diepere band met iemand.

Dat verklaart waarom je je eenzaam kan voelen in een aula met driehonderd anderen, of na een avond uit waarop je met tien mensen hebt gepraat.

Sociale of emotionele eenzaamheid: welke voel jij?

Sciensano omschrijft eenzaamheid als het gevoel dat je sociale leven niet overeenkomt met je nood aan verbinding, in het aantal contacten of in de kwaliteit ervan. Dat onderscheid is handig, want het vraagt een andere aanpak:

  • Sociale eenzaamheid: je mist een netwerk, een groep, mensen om mee naar de les of de mensa te gaan.
  • Emotionele eenzaamheid: je hebt wel mensen rond je, maar niemand bij wie je echt jezelf kan zijn of je verhaal kwijt kan.

Hier begint ook zelfkennis. Niet iedereen heeft hetzelfde nodig. De ene laadt op van een volle fuif en tien nieuwe namen per week, de andere van één goed gesprek bij een kop thee. Wie zich vergelijkt met de luidste groep op de gang, kan denken dat het misloopt, terwijl er eigenlijk gewoon nog geen plek is die past bij hoe hij of zij in elkaar zit. Vraag jezelf dus eerst: na welk soort contact voel ik me beter? En na welk soort voel ik me net leger?

Waarom de eerste weken zo zwaar kunnen wegen

In het secundair zat je jaren in dezelfde klas. Vriendschappen ontstonden bijna vanzelf, omdat je dezelfde mensen elke dag zag. In het hoger onderwijs valt dat weg: grote groepen, wisselende lokalen, vrije uren, mensen die na de les meteen naar huis of naar hun kot vertrekken. Wie pendelt, mist bovendien vaak de avondmomenten waarop groepjes zich vormen. Daar komt bij dat je online vooral de hoogtepunten van anderen ziet, en zelden hun stille avonden.

Je wordt waarschijnlijk meer gewaardeerd dan je denkt

Psychologen Erica Boothby, Margaret Clark en hun collega’s ontdekten iets geruststellends. Na een gesprek met iemand die we nog niet kennen, onderschatten we systematisch hoe sympathiek de ander ons vond. Ze noemen dat de ‘liking gap’. Ze zagen het ook bij eerstejaarsstudenten die hun kotgenoten leerden kennen, en daar hield het effect zelfs maandenlang aan. Dat stille stemmetje dat zegt ‘ze vonden me vast saai’ heeft dus vaak ongelijk.

Kleine contacten tellen ook

In een ander onderzoek voelden studenten zich gelukkiger en meer verbonden op dagen waarop ze met meer klasgenoten praatten dan gewoonlijk. Het ging niet om beste vrienden, maar om vluchtige contacten: een babbel voor de les, een vraag over een oefening. Een diepe vriendschap bouw je niet in een week, maar zulke kleine momenten maken je dag al lichter, en vaak groeit er later meer uit.

Eenzaamheid is geen bewijs dat je er niet bij hoort. Het is een signaal dat je een verbinding mist die bij jou past.

Ligt het aan de opleiding, of aan de eenzaamheid?

Wie zich eenzaam voelt, gaat soms ook aan zijn studiekeuze twijfelen. Dat is begrijpelijk, want alles voelt zwaarder als je er alleen voor staat. Toch zijn het twee verschillende vragen. Deze tabel helpt je ze uit elkaar te halen:

Eerder eenzaamheidEerder de opleiding
De vakken boeien je, maar de avonden en weekends zijn zwaar.Je zit ook met vrienden rond je in de les, en toch interesseert de inhoud je niet.
Je voelt je beter op dagen met een fijn gesprek, ongeacht welke les je had.Je voelt je slecht na bepaalde vakken of practica, ongeacht wie er bij je was.
Je zou graag blijven, als je er maar meer mensen kende.Je zou ook met een volle vriendengroep twijfelen.

Herken je jezelf vooral in de rechterkolom, lees dan hoe heroriënteren in het hoger onderwijs werkt en waarom de kalender daarbij belangrijk is. Soms speelt ook de leeromgeving mee: een kleinere groep met veel begeleiding voelt voor sommigen veiliger dan een grote aula. Daarover lees je meer in ons artikel over universiteit of hogeschool. Overhaast niets: de eerste weken zijn voor bijna iedereen een overgang.

Stappenplan: zo bouw je je plek, op jouw manier

  1. Kies voor herhaling. Ga zo veel mogelijk naar dezelfde lessen, werkcolleges en plekken. Vriendschap groeit vaak uit dezelfde mensen geregeld terugzien, niet uit één grote avond.
  2. Maak het klein en concreet. ‘Zullen we samen deze oefeningen maken?’ of ‘Ga jij ook naar de mensa?’ voelt minder spannend dan ‘Wil je mijn vriend zijn?’, en het werkt beter.
  3. Zoek een vereniging die bij jou past. Een studentenclub of faculteitskring, maar evengoed een sportclub, koor, theatergroep, studentenvereniging rond een hobby of vrijwilligerswerk. Kies op wat je energie geeft, niet op wat stoer lijkt.
  4. Neem zelf eens het initiatief. Veel medestudenten wachten net als jij tot iemand anders de eerste stap zet. Denk aan de liking gap: de kans is groot dat ze je gesprek leuker vonden dan jij denkt.
  5. Kijk bewust naar je weekendritme. Elk weekend naar huis is heel normaal, maar als je daardoor nooit iets meemaakt op je studieplek, probeer dan af en toe een avond of een zaterdag te blijven.
  6. Houd je oude vrienden, maar niet als enige plek. Contact met thuis geeft steun. Laat het geen reden zijn om niet te zoeken naar mensen in je nieuwe omgeving.
  7. Praat erover. Zeg eens tegen een medestudent of een begeleider dat het eerste jaar stiller voelt dan je dacht. Vaak hoor je dan ‘ik ook’.

Wanneer zoek je beter hulp?

Eenzaamheid hoort bij overgangen, maar ze mag niet maanden blijven hangen en alles kleuren. Merk je dat je slecht slaapt, niet meer naar de les gaat, je terugtrekt of je nergens nog op verheugt, zoek dan iemand om mee te praten. Hogescholen en universiteiten hebben een dienst voor studentenbegeleiding, vaak met studentenpsychologen. Aan bijvoorbeeld UGent en UHasselt zijn gesprekken met een studentenpsycholoog gratis voor studenten. Je kan ook dag en nacht anoniem en gratis bellen naar Tele-Onthaal op 106, of chatten via tele-onthaal.be. Heb je donkere gedachten, bel dan de Zelfmoordlijn op 1813, gratis en anoniem.

Zaterdag 10 oktober is het Werelddag van de Geestelijke Gezondheid van de Wereldgezondheidsorganisatie. Een goed moment om de stilte te doorbreken, ook als het ‘maar’ over je eerste weken gaat.

Voor ouders: als je kind op kot stil wordt

Komt je zoon of dochter elk weekend thuis en vertelt het weinig over het studentenleven? Dat kan van alles betekenen, en zeker niet altijd eenzaamheid. Vraag eerder naar mensen dan naar punten: ‘Met wie ga je meestal naar de les?’ of ‘Wie heb je deze week leren kennen?’ Vermijd een vergelijking met je eigen studententijd of met een broer of zus. En maak duidelijk dat erover praten geen falen is, en dat studentenbegeleiding er net daarvoor is.

Wat eenzaamheid je over jezelf kan vertellen

Eenzaam als student zijn voelt rot, maar het kan je ook iets leren. Welke mensen mis je? Welk soort gesprek? In welke omgeving voel je je het meest jezelf: een kleine groep of een grote, rust of drukte? Die antwoorden helpen je nu je plek te vinden, en later ook bij keuzes over je studie, je kot of je eerste job. Geef jezelf tijd: een plek die bij je past, vind je zelden in drie weken. Maar je vindt ze wel sneller als je weet wat je zoekt.

Bronnen

← Alle artikels

Ontdek je top 5